Glas in lood Kruis symbool an geloof


Glas in lood Anker symbool van hoop



Exterieur

Zijkant kerk Gerardus - Majella Nederweert - Eind.

De kerk is gedekt onder licht schuine en platte daken, die met overstekende bakgoten worden ontwaterd. De muren zijn opgetrokken in baksteen, die in wild verband zijn verwerkt. De westgevel heeft een uitgemetselde sierfries (bovenlijst of kroonlijst) onder de dakoverstek. De toegang is geopend door vijf, in hoogte naar het midden oplopende, rondbogen waarachter de toegangsdeuren onder een roosvenster (radvenster) zijn geplaatst. Boven het roosvenster staat een sierfries.

De ruimte is overkapt met een troggewelf. Aan de zijkanten in de narthex (voorhal) zijn eveneens deuren geplaatst. Aan de noordzijde is de deur versierd met een gestileerd anker met golven. Deze geeft toegang tot de doopkapel. Aan de zuidzijde is de deur versierd met een gestileerde palmtak, deze geeft toegang tot de Gerarduskapel. Naast het schip bevinden zich links en rechts de zijbeuken (processiegangen) met elk een dubbele houten deur als zij-ingang. Deze zijn iets naar binnen geplaatst en de muren hebben een rechte gevel.

Aan de noordzijde staat een ongelede toren met een betonnen bekroning, waarin de galmgaten het geluid van de klokken naar buiten laten komen. De toren is gedekt met een zeer ranke opengewerkte koperen naaldspits. De toren is met de kerk verbonden door een overdekte gang. De zijgevels bestaan uit een lichtbeuk met 26 rondboogvensters, waaronder een zijbeuk staat onder een plat dak. Licht wordt hier toegelaten door drie vensters, die aan de boven-en onderzijde een segmentboog hebben. Het priesterkoor steekt boven het schip uit en is rechthoekig, met bolwelvende muren aan de west- en oostzijde.

Op het priesterkoor staat een koperen kegeldak op een tamboer. In de tamboer zijn rondboogvensters aangebracht. De koepel is bekroond met een Christusmonogram op een koperen bol. Licht komt verder nog binnen door drie rondboogvensters in de zijgevels. Aan de oostzijde bevindt zich een polygonale koorafsluiting onder een plat dak. De zijgevels worden hier doorbroken door een rondboogvenster. Koor en koorafsluiting zijn geheel aan de onderzijde voorzien van enkele rondboogvensters teneinde licht toe te laten in de crypte. In de oksel van zijbeuk en koor staat aan de zuidzijde een ronde zijkapel (Mariakapel) onder een verkleinde kopie van het dak op het priesterkoor. Aan de noordzijde staat de sacristie onder een zadeldak, die met de kerk is verbonden door een gang met een dubbele houten toegangsdeur boven een trap. Op de scheiding tussen sacristie en zijbeuk bevindt zich een halfronde uitbouw onder een plat dak.